ECLI:NL:CRVB:2026:1173

ECLI:NL:CRVB:2026:1173

Instantie Centrale Raad van Beroep
Datum uitspraak 09-09-2026
Datum publicatie 14-09-2026
Zaaknummer 25/1792 WIA
Rechtsgebied Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht
Procedure Hoger beroep

Samenvatting

De mate van arbeidsongeschiktheid van appellante is terecht vastgesteld op 37,22%. Volgens appellante is zij meer beperkt dan het Uwv heeft aangenomen, zijn de geselecteerde functies niet passend en meent zij een zogenaamde medische afzakker te zijn. De Raad volgt de standpunten van appellante niet.

Uitspraak

SAMENVATTING

25/1792 WIA

Centrale Raad van Beroep

Meervoudige kamer

Uitspraak op het hoger beroep tegen de uitspraak van de rechtbank Rotterdam van 18 juli 2025, 24/3375 (aangevallen uitspraak)

Partijen:

[appellante] te [woonplaats] (appellante)

de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (Uwv)

Datum uitspraak: 9 september 2026

Het gaat in deze zaak over de vraag of het Uwv terecht de mate van arbeidsongeschiktheid van appellante per 3 maart 2023 heeft vastgesteld op 37,22%. Volgens appellante is zij meer beperkt dan het Uwv heeft aangenomen en zijn de geselecteerde functies niet passend. Ook meent zij dat zij een zogenaamde medische afzakker is. Zij stelt dat zij haar arbeidsduur heeft verminderd wegens ziekte. De Raad volgt de standpunten van appellante niet.

PROCESVERLOOP

Namens appellante heeft mr. A.L. Kuit, advocaat, hoger beroep ingesteld.

Het Uwv heeft een verweerschrift ingediend.

De Raad heeft de zaak ter behandeling aan de orde gesteld op een zitting van 29 juli 2026. Partijen zijn niet verschenen.

OVERWEGINGEN

Inleiding

Appellante heeft voor het laatst gewerkt als verzorgende IG voor 20,67 uur per week. Op 5 maart 2021 heeft zij zich ziekgemeld met klachten aan haar bewegingsapparaat. Nadat appellante een aanvraag om een uitkering op grond van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen (Wet WIA) had ingediend, heeft onderzoek plaatsgevonden door een verzekeringsarts en een arbeidsdeskundige van het Uwv. De verzekeringsarts heeft appellante op een spreekuur lichamelijk en psychisch onderzocht. Hij heeft de beperkingen van appellante neergelegd in een Functionele Mogelijkhedenlijst (FML) van 16 februari 2023. De arbeidsdeskundige heeft vastgesteld dat appellante niet meer geschikt is voor haar laatste werk en heeft voor appellante passende functies geselecteerd. Op basis daarvan heeft de arbeidsdeskundige de mate van arbeidsongeschiktheid vastgesteld op 33,04%.

Bij besluit van 1 juni 2023 heeft het Uwv geweigerd aan appellante met ingang van 3 maart 2023 een WIA-uitkering toe te kennen, omdat zij minder dan 35% arbeidsongeschikt is.

Het bezwaar van appellante tegen dit besluit heeft het Uwv bij besluit van 1 maart 2024 (bestreden besluit) gegrond verklaard en aan appellante per 3 maart 2023 een loongerelateerde WGA-uitkering toegekend, waarbij de mate van arbeidsongeschiktheid is vastgesteld op 37,22%. Hieraan liggen ten grondslag een rapport van een verzekeringsarts bezwaar en beroep van 31 januari 2024, een gewijzigde FML van 31 januari 2024 en rapporten van de arbeidsdeskundige bezwaar en beroep van 24 augustus 2023 en 28 februari 2024. De arbeidsdeskundige bezwaar en beroep heeft nieuwe functies geselecteerd en de mate van arbeidsongeschiktheid berekend op 37,22%.

Uitspraak van de rechtbank

De rechtbank heeft het beroep tegen het bestreden besluit ongegrond verklaard en daarmee het bestreden besluit in stand gelaten.

Volgens de rechtbank is het medisch onderzoek zorgvuldig en juist geweest. Niet is gebleken dat de verzekeringsarts bezwaar en beroep een onvolledig beeld heeft gehad van de medische situatie van appellante op de datum in geding. Daarvoor heeft de rechtbank gewezen op het rapport van deze verzekeringsarts van 31 januari 2024 en de FML van die datum. Appellante heeft niet met medische gegevens aannemelijk gemaakt dat de verzekeringsarts bezwaar en beroep een onjuist beeld had van haar gezondheidstoestand op 3 maart 2023. Verder overschrijdt de belasting van de geselecteerde functies de mogelijkheden van appellante niet, zodat deze functies voor haar geschikt zijn. Dat de belasting van deze functies niet overeenkomt met vacatures van dergelijke functies, maakt niet dat de functies niet voor appellante geselecteerd hadden mogen worden. Gelet op de gegeven toelichtingen in de arbeidskundige rapporten, waaronder het rapport van de arbeidsdeskundige bezwaar en beroep van 5 november 2024, heeft de rechtbank het Uwv gevolgd in het standpunt dat de geselecteerde functies passend zijn.

De stelling van appellante dat zij een zogenaamde medische afzakker is en dat de eerste arbeidsongeschiktheidsdag moet worden vastgesteld op 1 april 2020 heeft de rechtbank verworpen. Appellante wordt niet gevolgd in haar standpunt dat dit zou blijken uit medische informatie uit het ziektewetdossier, waarin is vermeld dat zij op 10 mei 2021 heeft toegelicht dat zij bij valideren van de huidige levensfase samen met haar man heeft besloten om haar werkuren te verminderen van 28 uur naar 20 uur en dat zij op 22 juli 2021 heeft gemeld dat zij haar uren van 28 naar 20 uur per week heeft verminderd in verband met vermoeidheid en last van haar rug. Volgens de rechtbank kan daaruit niet worden geconcludeerd dat per april 2020 sprake was van een objectief medisch noodzakelijke urenvermindering zoals deze is vereist volgens vaste rechtspraak. Evenmin blijkt dit uit de verklaring van de medisch adviseur/verzekeringsarts M. Alsalhi van 8 november 2024. Daarmee is volgens de rechtbank niet voldaan aan het vereiste van een voldoende specifieke medische onderbouwing voor een medische afzakker.

Het standpunt van appellante

3. In hoger beroep heeft appellante herhaald wat zij in beroep heeft aangevoerd. Daarbij heeft zij nog opgemerkt dat als gevolg van de coronatijd, waarin consulten niet of slechts telefonisch of online plaatsvonden, zij niet meer medische informatie heeft kunnen inbrengen dan zij heeft gedaan.

Het standpunt van het Uwv

4. Het Uwv heeft verzocht de aangevallen uitspraak te bevestigen.

Het oordeel van de Raad

In geschil is of het Uwv terecht de mate van arbeidsongeschiktheid van appellante per 3 maart 2023 heeft vastgesteld op 37, 22%. De Raad beantwoordt die vraag bevestigend.

Wat appellante in hoger beroep heeft aangevoerd is een herhaling van de gronden die zij in beroep naar voren heeft gebracht. De rechtbank heeft die gronden in de aangevallen uitspraak afdoende besproken en met juistheid geoordeeld dat deze gronden niet slagen. Het oordeel van de rechtbank en de aan dit oordeel ten grondslag gelegde overwegingen worden onderschreven. Daaraan wordt nog toegevoegd dat appellante niet heeft onderbouwd dat zij vanwege de coronaperiode in het geheel geen nadere medische gegevens heeft kunnen inbrengen. Bovendien is – zoals de rechtbank terecht heeft overwogen – voor het aannemen van een medische afzakker een voldoende specifieke medische onderbouwing een vereiste en bestaat er geen aanleiding om van dat uitgangpunt af te wijken.

Conclusie en gevolgen

Het hoger beroep slaagt dus niet. De aangevallen uitspraak wordt bevestigd. Dit betekent dat de toekenning van de WIA-uitkering aan appellante waarbij de mate van arbeidsongeschiktheid per 3 maart 2023 is vastgesteld op 37,22% in stand blijft.

5. Omdat het hoger beroep niet slaagt, krijgt appellante geen vergoeding voor haar proceskosten en het betaalde griffierecht.

BESLISSING

De Centrale Raad van Beroep bevestigt de aangevallen uitspraak.

Deze uitspraak is gedaan door M.E. Fortuin als voorzitter en L.A. Kjellevold en J.A. Ermers als leden, in tegenwoordigheid van M.J.D. van Haren als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 9 september 2026.

(getekend) M.E. Fortuin

(getekend) M.J.D. van Haren

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand