ECLI:NL:CRVB:2026:1174

ECLI:NL:CRVB:2026:1174

Instantie Centrale Raad van Beroep
Datum uitspraak 09-09-2026
Datum publicatie 14-09-2026
Zaaknummer 25/1551 Wajong
Rechtsgebied Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht
Procedure Hoger beroep

Samenvatting

Het Uwv heeft terecht geweigerd appellant een uitkering op grond van de Wajong toe te kennen. Laattijdige aanvraag. De overgelegde medische stukken bevatten onvoldoende concrete informatie om op grond daarvan beperkingen voor appellant te kunnen vaststellen in de te beoordelen periode.

Uitspraak

SAMENVATTING

25/1551 WAJONG

Centrale Raad van Beroep

Enkelvoudige kamer

Uitspraak op het hoger beroep tegen de uitspraak van de rechtbank Noord-Nederland van 23 juni 2025, 24/3981 (aangevallen uitspraak)

Partijen:

[appellant] te [woonplaats] (appellant)

de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (Uwv)

Datum uitspraak: 9 september 2026

Het gaat in deze zaak over de vraag of het Uwv terecht heeft geweigerd appellant een uitkering op grond van de Wajong toe te kennen. Appellant vindt dat hij op [geboortedatum] 2009 (de dag dat hij achttien jaar is geworden) en in de periode van vijf jaar daarna duurzaam niet over arbeidsvermogen beschikte en daarom jonggehandicapte is in de zin van de Wajong. De Raad volgt dit standpunt niet en komt tot het oordeel dat het Uwv terecht heeft geweigerd appellant een Wajong-uitkering toe te kennen.

PROCESVERLOOP

Namens appellant heeft mr. H.L. Thiescheffer, advocaat, hoger beroep ingesteld en een nader stuk ingediend. Het Uwv heeft een verweerschrift ingediend.

De meervoudige kamer heeft de zaak verwezen naar de enkelvoudige kamer.

De Raad heeft de zaak behandeld op een zitting van 29 juli 2026. Appellant is verschenen, bijgestaan door mr. Thiescheffer. Het Uwv heeft zich laten vertegenwoordigen door mr. A.I. Damsma.

OVERWEGINGEN

Inleiding

1. Bij de beoordeling van het hoger beroep zijn de volgende feiten en omstandigheden van belang.

Appellant is geboren op [geboortedatum] 1991. Hij heeft met een door het Uwv op 24 januari 2023 ontvangen formulier een aanvraag ingediend voor een uitkering op grond van de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten (Wajong). Daarbij heeft appellant vermeld dat voornamelijk sprake is van psychische problemen. Het Uwv heeft vervolgens een verzekeringsgeneeskundig en arbeidskundig onderzoek verricht, waarna geconcludeerd is dat op grond van de beschikbare informatie niet is vast te stellen of appellant beperkingen had als gevolg van ziekte of gebrek op de achttiende verjaardag, wat de eventuele ernst van deze beperkingen was op de achttiende verjaardag en of de beperkingen van het achttiende jaar tot het 23e jaar dusdanig zijn toegenomen dat hij geen arbeidsvermogen meer had. Met een besluit van 4 september 2023 heeft het Uwv vervolgens geweigerd appellant een Wajong-uitkering toe te kennen.

Bij besluit van 29 augustus 2024 (bestreden besluit) heeft het Uwv het hiertegen door appellant gemaakte bezwaar ongegrond verklaard. Hieraan liggen rapporten van een verzekeringsarts bezwaar en beroep en een arbeidsdeskundige bezwaar en beroep ten grondslag.

Uitspraak van de rechtbank

2. De rechtbank heeft het beroep tegen het bestreden besluit ongegrond verklaard en daarmee het bestreden besluit in stand gelaten.

De rechtbank heeft vooropgesteld dat appellant de aanvraag om een Wajonguitkering niet rond zijn achttiende verjaardag heeft ingediend, maar op latere leeftijd. Daardoor is sprake van een laattijdige aanvraag, waardoor bij de aanvraag moet worden teruggekeken in de tijd. Volgens vaste rechtspraak ligt de bewijslast en daarmee ook het bewijsrisico bij een laattijdige Wajong-aanvraag bij de aanvrager. Voor zover onvoldoende gegevens beschikbaar zijn over de gezondheidssituatie van appellant op de van belang zijnde data, en het medisch beeld met het verstrijken van de tijd steeds moeilijker is vast te stellen, komen deze omstandigheden voor risico van appellant.

Vervolgens heeft de rechtbank vastgesteld dat niet ter discussie staat dat appellant op de datum van zijn aanvraag geen arbeidsvermogen had in de zin van de Wajong. Het gaat echter om de vraag of appellant op zijn achttiende verjaardag of in de periode van vijf jaar daarna duurzaam niet beschikte over arbeidsvermogen.

Volgens de rechtbank is sprake geweest van een voldoende zorgvuldig onderzoek, waarbij de verzekeringsartsen van het Uwv alle beschikbare medische informatie in hun onderzoek hebben betrokken. Over de relevante periode van [geboortedatum] 2009 tot [geboortedatum] 2014 blijkt echter geen medische informatie (meer) beschikbaar. De verzekeringsarts bezwaar en beroep heeft voldoende onderbouwd dat een deel van de op datum van de aanvraag bij appellant aanwezige psychische stoornissen is vastgesteld na de voor de Wajong relevante periode. Dat deze stoornissen er in de relevante periode ook al waren is onvoldoende aannemelijk gemaakt. Wat betreft de andere aandoening is voldoende onderbouwd dat op basis van de beschikbare medische informatie niet kan worden vastgesteld of die zich al op de achttiende verjaardag heeft geopenbaard. De door appellant in beroep overgelegde brieven van de behandelend klinisch psycholoog zijn onvoldoende concreet gemotiveerd om daaruit af te leiden wat de beperkingen van appellant waren in de relevante periode en wat dit voor het arbeidsvermogen betekent. De stelling van de psycholoog dat het heel aannemelijk is dat uit de gestelde psychiatrische diagnose voortvloeit dat appellant rond zijn achttiende verjaardag beperkingen had die arbeid toen feitelijk onmogelijk maakten, en dat deze beperkingen duurzaam zijn, is niet nader onderbouwd.

Het standpunt van appellant

3. Appellant is het met de uitspraak van de rechtbank niet eens. Appellant heeft aangevoerd dat de omstandigheid dat er geen informatie meer voorhanden is die betrekking heeft op de medische toestand van appellant ten tijde van de te beoordelen periode, hem niet toegerekend kan worden. Deze niet-verwijtbare bewijsnood moet worden verdisconteerd in de bewijswaardering door de bestuursrechter. Verder heeft appellant aangevoerd dat de in beroep overgelegde stukken weliswaar niet afkomstig zijn uit de periode 2009-2014, maar dat deze stukken daarover wel medische informatie bevatten.

Het standpunt van het Uwv

4. Het Uwv heeft verzocht om de aangevallen uitspraak te bevestigen. Het Uwv heeft erop gewezen dat de meeste in beroep overgelegde stukken zijn beoordeeld door de verzekeringsarts bezwaar en beroep, die daarover heeft opgemerkt dat nog steeds onduidelijk blijft wat precies de medische situatie was van appellant op zijn achttiende verjaardag en de vijf jaar daarna. De stukken die nadien in beroep zijn overgelegd (producties 2 tot en met 9) zijn voor een deel al bekend en daarnaast betreffen dit twee patiëntendossiers die betrekking hebben op perioden gelegen voor de periode die beoordeeld moet worden.

Het oordeel van de Raad

5. De Raad beoordeelt of de rechtbank terecht het bestreden besluit over de weigering van de Wajong-uitkering in stand heeft gelaten aan de hand van wat appellant in hoger beroep heeft aangevoerd, de beroepsgronden. De Raad komt tot het oordeel dat het hoger beroep niet slaagt. Hierna legt de Raad uit hoe hij tot dit oordeel komt en welke gevolgen dit oordeel heeft.

Op grond van artikel 1a:1, eerste lid, van de Wajong is (voor zover hier van belang) een jonggehandicapte de ingezetene die op de dag waarop hij achttien jaar wordt als rechtstreeks en objectief medisch vast te stellen gevolg van ziekte, gebrek, zwangerschap of bevalling duurzaam geen mogelijkheden tot arbeidsparticipatie heeft. Op grond van het tweede lid (voor zover hier van belang) wordt de ingezetene die op de dag, bedoeld in het eerste lid, onderdeel a, beperkingen ondervindt als gevolg van ziekte, gebrek, zwangerschap of bevalling, maar op grond van het eerste lid niet aangemerkt wordt als jonggehandicapte, alsnog jonggehandicapte in de zin van dit hoofdstuk en de daarop berustende bepalingen, indien hij binnen vijf jaar na die dag duurzaam geen mogelijkheden tot arbeidsparticipatie heeft, indien dit voortkomt uit dezelfde oorzaak als die op grond waarvan hij beperkingen als gevolg van ziekte, gebrek, zwangerschap of bevalling ondervond, op de dag, bedoeld in onderdeel a.

Bij een laattijdige aanvraag als hier aan de orde dient naar vaste rechtspraak naast een beoordeling aan de hand van de criteria van artikel 1a:1, eerste lid, van de Wajong beoordeeld te worden of appellant op grond van artikel 1a:1, tweede lid, alsnog als jonggehandicapte kan worden aangemerkt en in aanmerking komt voor een Wajonguitkering, omdat hij (in dit geval) op enig moment binnen vijf jaar na zijn achttiende verjaardag alsnog jonggehandicapte is geworden. Dit ziet in het geval van appellant op de periode tussen [geboortedatum] 2009 en [geboortedatum] 2014 (te beoordelen periode).

Tussen partijen is niet in geschil dat geen medische informatie beschikbaar is over het functioneren en de belastbaarheid van appellant in de te beoordelen periode. Deze gegevens zijn echter wel nodig om te kunnen beoordelen of appellant als jonggehandicapte kan worden aangemerkt. Dat door tijdsverloop geen informatie beschikbaar is om vast te kunnen stellen of appellant een Wajong-uitkering kan krijgen, komt volgens vaste rechtspraak voor zijn rekening.

Voor het aannemen van beperkingen moeten de beschikbare medische gegevens een voldoende grondslag vormen. Het hoort daarbij tot de medische deskundigheid van de verzekeringsarts om te beoordelen in hoeverre de wel beschikbare gegevens aannemelijk maken dat in de te beoordelen periode bepaalde beperkingen golden, of die beperkingen een gevolg zijn van ziekte of gebrek en wat deze beperkingen betekenen voor het arbeidsvermogen van appellant. Appellant heeft in beroep verschillende producties overgelegd om aannemelijk te maken dat hij in de te beoordelen periode dezelfde beperkingen had als die hij nu heeft. In afzonderlijke verklaringen van zijn zus en van appellant zelf worden de moeilijke omstandigheden geschetst waarin zij zijn opgegroeid en welke gevolgen appellant daardoor ervaart. Uit de overgelegde verklaringen van klinisch psycholoog Van Drunen volgt dat de gediagnosticeerde stoornis voortkomt uit de traumatische ervaringen van appellant in zijn jeugd en dat heel aannemelijk is dat appellant rond zijn achttiende jaar daarvan al psychische beperkingen ondervond. Voor het kunnen vaststellen van het (ontbreken van) arbeidsvermogen is echter van belang dat uit de overgelegde medische informatie kan worden afgeleid wat de aard en omvang van de beperkingen zijn. In het rapport van 3 januari 2025 heeft de verzekeringsarts bezwaar en beroep inzichtelijk gemotiveerd waarom de overgelegde medische stukken onvoldoende concrete informatie bevatten om op grond daarvan beperkingen voor appellant te kunnen vaststellen in de te beoordelen periode. Het standpunt van het Uwv kan daarom worden gevolgd.

Conclusie en gevolgen

Het hoger beroep slaagt dus niet. De aangevallen uitspraak wordt bevestigd. Dit betekent dat de weigering van de Wajong-uitkering in stand blijft.

6. Omdat het hoger beroep niet slaagt, krijgt appellant geen vergoeding voor zijn proceskosten en het betaalde griffierecht.

BESLISSING

De Centrale Raad van Beroep bevestigt de aangevallen uitspraak.

Deze uitspraak is gedaan door D.S. de Vries, in tegenwoordigheid van N. Gios als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 9 september 2026.

(getekend) D.S. de Vries

(getekend) N. Gios

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand