ECLI:NL:GHARL:2024:4060

ECLI:NL:GHARL:2024:4060, Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 17-06-2024, Wahv 200.333.027/01

Instantie Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Datum uitspraak 17-06-2024
Datum publicatie Onbekend
Zaaknummer Wahv 200.333.027/01
Rechtsgebied Strafrecht
Procedure Hoger beroep
Zittingsplaats Leeuwarden
Jurisprudentie Netwerk (LiDo)
Verwijst naar 3 zaken
Aangehaald door 6 zaken
2 wettelijke verwijzingen

Verwijst naar

Aangehaald door

Wettelijke verwijzingen

BWBR0004581 BWBR0005537

Samenvatting

Beleidskader digitale handhaving geslotenverklaringen en voetgangersgebieden. Breda. De gedraging is verricht na de beginperiode. Er hoefde dus geen waarschuwingsbrief te worden verzonden.

Uitspraak

GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN

[de betrokkene] (hierna: de betrokkene),

De beslissing van de kantonrechter

zittingsplaats Leeuwarden

Arrest op het hoger beroep inzake de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv) tegen de beslissing van de kantonrechter van de rechtbank ZeelandWest-Brabant van 21 juni 2022, betreffende

wonende te [woonplaats] .

De gemachtigde van de betrokkene is mr. I.N.D.J. Rissema, kantoorhoudende te Dordrecht.

De kantonrechter heeft het beroep van de betrokkene tegen de beslissing van de officier van justitie ongegrond verklaard.

Het verloop van de procedure

De gemachtigde van de betrokkene heeft hoger beroep ingesteld tegen de beslissing van de kantonrechter. Er is gevraagd om een proceskostenvergoeding.

De advocaat-generaal heeft een verweerschrift ingediend.

De gemachtigde van de betrokkene heeft de gelegenheid gekregen het beroep schriftelijk nader toe te lichten. Van die gelegenheid is geen gebruik gemaakt.

De beoordeling

1. Aan de betrokkene is als kentekenhouder bij inleidende beschikking een sanctie opgelegd van € 95,- voor: “handelen in strijd met een geslotenverklaring voor alle motorvoertuigen: bord C12”. Deze gedraging zou zijn verricht op 30 augustus 2020 om 13:14 uur op de Houtmarkt in Breda met het voertuig met het kenteken [kenteken] .

2. De gemachtigde van de betrokkene voert aan dat er ten onrechte geen waarschuwingsbrief is verstuurd. Dat betekent dat er geen sanctie mocht worden opgelegd. De kantonrechter is ten onrechte niet op deze grond ingegaan.

3. In deze zaak is sprake van handhaving van een C-bord door middel van een camerasysteem, zodat het Beleidskader van toepassing is. In het Beleidskader is voor zover relevant het volgende opgenomen: “Om in de beginperiode een opeenstapeling van het aantal beschikkingen per kenteken te voorkomen, wordt gestart met communicatie naar omwonenden en overtreders en vervolgens wordt gefaseerd gestart met handhaving. In de eerste periode wordt volstaan met een waarschuwingsbrief die door de gemeente aan betrokkenen wordt verzonden en vervolgens wordt per week maximaal één beschikking per kenteken geregistreerd. De eerste beschikking moet in ieder geval aan betrokkene zijn verzonden voordat de volgende wordt opgelegd. Indien vervolgens blijkt dat sprake is van recidive, kan voor elke volgende overtreding een beschikking worden opgelegd.”

4. Uit het bij het verweerschrift van de advocaat-generaal bijgevoegde proces-verbaal van

28 augustus 2023 van [naam1] , werkzaam bij de gemeente Breda, blijkt dat de gemeente Breda een beginperiode heeft gehanteerd van 4 december 2019 tot 1 maart 2020. In die periode werd volstaan met een waarschuwing. Na deze periode is overgegaan tot het verbaliseren van de overtredingen met betrekking tot de geslotenverklaring op de Houtmarkt.

5. In de onderhavige zaak is de pleegdatum 30 augustus 2020. Dit is dus na de beginperiode. Er hoefde dus geen waarschuwingsbrief te worden verzonden. De ambtenaar heeft derhalve terecht een sanctie opgelegd.

6. De beslissing van de kantonrechter kan worden bevestigd, zij het met verbetering van gronden, nu de kantonrechter ten onrechte de door de gemachtigde aangevoerd grond over de waarschuwingsperiode onbesproken heeft gelaten. Aanleiding voor een proceskostenvergoeding is er niet.

De beslissing

Het gerechtshof:

bevestigt de beslissing van de kantonrechter met verbetering van gronden;

wijst het verzoek om vergoeding van proceskosten af.

Dit arrest is gewezen door mr. Wijma, in tegenwoordigheid van mr. Pranger als griffier, en op een openbare zitting uitgesproken.

Zittende Magistratuur

Griffier

  • mr. Pranger

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand