RECHTBANK Amsterdam
Civiel recht
Zaaknummer: C/13/743141 / HA ZA 23-1091
Vonnis van 28 oktober 2026
in de zaak van
1. [eiser 1] ,
te [vestigingsplaats 1],2. [eiser 2],
te [vestigingsplaats 2],3. [eiser 3],
te [woonplaats 1],4. [eiser 4],
te [woonplaats 2],
eisende partijen,
hierna samen te noemen: [eisers],
advocaat: mr. M.S. van der Jagt,
tegen
META PLATFORMS IRELAND LTD.,
te Dublin (Ierland),
gedaagde partij,
hierna te noemen: Meta,
advocaat: mr. S.C. van Loon.
1. De procedure
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- het vonnis van 3 september 2025, ECLI:NL:RBAMS:2025:6303, waarin de voorschotten op de door de deskundigen te maken kosten zijn vastgesteld,
- het door de benoemde deskundigen uitgebrachte gezamenlijke deskundigenbericht, dat op 15 september 2026 door de rechtbank is ontvangen, met daarbij de eindnota van de deskundigen,
- het bij brief van 29 september 2026 door [eisers] gemaakte bezwaar tegen de eindnota van de deskundigen,
- de brief van 6 oktober 2026 van Meta inzake de eindnota van de deskundigen,
- de brief van Meta van 13 oktober 2026 inzake de gewenste wijze van voortzetting van de procedure,
- de brief van [eisers] van 16 oktober 2026 in reactie daarop,
- de brief van Meta van 19 oktober 2026 in reactie op de brief van [eisers] van 16 oktober 2026,
- het e-mailbericht van 22 oktober 2026, waarin de deskundigen een gezamenlijke reactie hebben gegeven op de bezwaren van [eisers] tegen de eindnota’s.
De rechtbank heeft bepaald dat vandaag vonnis wordt gewezen.
2. De beoordeling
Bezwaar tegen de eindnota’s
[eisers] heeft gesteld dat de deskundigen hun mandaat hebben overschreden bij de beantwoording van vraag 1. Zij hebben onnodige uren besteed aan het opstellen van een “Amended Data Discovery”; zij hadden moeten volstaan met de constatering dat Meta’s Data Discovery in de huidige vorm niet bruikbaar is. Daarnaast hebben de deskundigen volgens [eisers] onvoldoende onderzoek gedaan bij de beantwoording van vraag 3. Zij hebben de vraag welke methode het meest geschikt is om de economische waarde van het [eisers] repertoire te bepalen niet beantwoord en in plaats daarvan verschillende waarderingsmethoden aanbevolen, die zoals zij zelf ook aangeven eigenlijk onbruikbaar zijn. Verder verwijt [eisers] de deskundigen dat zij de opmerkingen op het concept-rapport niet hebben verwerkt en dat zij de bestede uren onvoldoende hebben toegelicht.
Meta heeft geen bezwaar tegen de eindnota’s.
De deskundigen hebben op de tegen hun eindnota’s gerichte bezwaren het volgende geantwoord.“We do not agree that we exceeded our mandate. Developing the Amended Data Discovery method was necessary to assist the Court and provide the parties with a workable basis for negotiations. We explained our reasoning in the report and in our written responses to the Parties’ comments.
Question 3 expressly permits consideration of alternative approaches. We devoted substantial time to assessing both parties’ proposed methodologies. We concluded that neither party's methodology was suitable in its current form. We therefore considered alternatives and their limitations, as explained in our report.
We carefully considered the Parties’ comments and addressed them in writing. Our decision not to revise our conclusions does not mean those comments were disregarded.
Our invoices remain within the revised budget, despite the assignment requiring substantially more time than anticipated. We have not charged for all the additional time spent. We can provide a further breakdown of the work performed and time spent should the Court so request. We respectfully request immediate payment of the outstanding invoices. The continued delay has had a significant adverse impact on our financial position.
We remain willing to undertake further investigation, subject to full payment of the outstanding invoices, new Court instructions defining the scope of the work, and advance payment of the agreed fees.”
De rechtbank is gezien het door de deskundigen uitgebrachte rapport en hun hierboven vermelde toelichting van oordeel dat de deskundigen binnen hun opdracht zijn gebleven. Dat de opmerkingen op het concept-rapport niet tot wijziging van het rapport hebben geleid betekent niet dat de deskundigen de opmerkingen niet hebben verwerkt.
Wat de wijze van declareren betreft merkt de rechtbank op dat de leidraad deskundigen hierover het volgende zegt:
“14.3 Werkwijze eindnota
141. Bij inlevering van het schriftelijke rapport voegt u de eindnota. Daarop zijn kosten, salaris en BTW afzonderlijk vermeld. Bij de kosten waarvoor u schadeloos wilt worden gesteld specificeert u de verrichtingen en de kosten per verrichting (…). Indien u andere personen in het onderzoek heeft betrokken, noemt u hen bij naam en specificeert u hun uurtarief en hun aantal gewerkte uren. Bij het salaris specificeert u uw eigen uurtarief en het aantal uren dat u aan het onderzoek en de verslaglegging heeft besteed.”
De eindnota’s voldoen aan deze eisen. De conclusie is dat het bezwaar tegen de eindnota’s wordt verworpen, zodat de eindnota’s betaalbaar kunnen worden gesteld.
Voortzetting procedure
Bij partijen leven verschillende opvattingen over de wijze waarop de zaak moet worden voortgezet. [eisers] acht het deskundigenbericht onvoldoende basis om te gaan onderhandelen, omdat een waarderingsmethode op basis van het aantal views – zoals Meta voorstelt – onvoldoende controleerbaar is. Er zal volgens [eisers] eerst door de rechtbank een waarderingsmethode moeten worden vastgesteld, voordat data discovery plaatsvindt.
Meta acht onderhandelingen op basis van het rapport van de deskundigen wel mogelijk. Volgens de deskundigen kan de methode die Meta heeft voorgesteld immers als basis voor data discovery worden gebruikt. Meta wijst er verder op dat het de intentie van de rechtbank was dat na het voltooien van het deskundigenrapport gedurende zes maanden zou worden onderhandeld, alvorens de behandeling bij de rechtbank te hervatten.
De deskundigen hebben in hun rapport aangeboden de beantwoording van vraag 3 aan te vullen nadat zij nader onderzoek hebben gedaan. In het rapport (randnummer 704) schrijven zij:“If Meta would be willing to share additional information under an NDA, the Experts may be able to determine whether Meta’s valuation approach is appropriate for establishing the economic value of [eisers]- represented repertoire on Meta’s Platform.” Meta stelt voor dat partijen schriftelijk op dit voorstel reageren.
[eisers] wenst een regiezitting om de voortgang van de procedure te bespreken.
De rechtbank stelt vast dat het op dit moment niet zo is dat beide partijen in het deskundigenbericht voldoende basis zien om tot onderhandelingen over te gaan. Beide partijen gaan ervan uit dat die onderhandelingen pas kunnen gaan plaatsvinden als eerst een data discovery heeft plaatsgevonden op basis van 10.000 door [eisers] aan te leveren samples, maar verschillen van mening over de vraag of daarvoor ook nodig is dat de waarderingsmethode wordt vastgesteld. Daarbij is bovendien de vraag aan de orde of aanvullend onderzoek van de deskundigen duidelijkheid kan geven over de bruikbaarheid van de waarderingsmethode van Meta.
Het deskundigenbericht is bedoeld om feitelijke informatie te verschaffen, op basis waarvan partijen in staat zullen zijn met elkaar te onderhandelen over een licentievergoeding. Pas als die onderhandelingen niet slagen, zal de rechtbank moeten beoordelen of Meta - in de bewoordingen van het op artikel 17 DSM-Richtlijn gebaseerde artikel 29c Aw - “zich naar beste vermogen heeft ingespannen om toestemming te verkrijgen”. De rechtbank zal daarom bepalen dat op korte termijn een enkelvoudige regiezitting zal worden gehouden, teneinde te bespreken wat na de voltooiing van het deskundigenrapport nog nodig is voor partijen om met elkaar in onderhandeling te kunnen treden. Daarbij zal ook het nut en de noodzaak van aanvullend onderzoek door de deskundigen worden besproken.
De zaak wordt naar de rol verwezen voor opgave van verhinderdata voor de te plannen regiezitting. Partijen dienen daarbij ook op te geven of zij de aanwezigheid van een of meer deskundigen wenselijk achten. De rechtbank zal daar vervolgens over beslissen. Indien een of meer deskundigen aanwezig zijn, zullen hun kosten op dezelfde wijze worden verdeeld als de kosten van het deskundigenonderzoek.
De rechtbank wijst op de in het tussenvonnis van 16 april 2025 bepaalde procesorde; pas indien en nadat onderhandelingen hebben plaatsgevonden en in het geval dat is gebleken dat die niet tot resultaat hebben geleid, zal de rechtbank gelegenheid geven voor een conclusie na deskundigenbericht, waarna in dat geval ook weer een mondelinge behandeling zal plaatsvinden alvorens eindvonnis wordt gewezen.
Vervanging rechter
Mr. L. Voetelink is niet langer werkzaam bij team handel van de rechtbank, haar plaats wordt vanaf heden ingenomen door mr. N. Versteeg.
3. De beslissing
De rechtbank
wijst het bezwaar tegen de eindnota af en bepaalt dat de eindnota’s van de deskundigen betaalbaar zijn,
bepaalt dat de griffier van deze rechtbank zal zorgdragen voor storting van het als voorschot door partijen betaalde bedrag op de door de deskundigen opgegeven bankrekeningen;
bepaalt dat de griffier een afschrift van dit vonnis aan de deskundigen zal toesturen;
bepaalt dat een enkelvoudige regiezitting zal worden gehouden en benoemt mr. R.H.C. Jongeneel tot rechter-commissaris,
verwijst de zaak naar de rol van 4 november 2026 voor opgave verhinderdata over de maanden november 2026 tot en met januari 2027 en voor uitlating over de wenselijkheid van de aanwezigheid van deskundigen op de regiezitting,
houdt iedere verdere beslissing aan.
Dit vonnis is gewezen door mr. R.H.C. Jongeneel, mr. S.P. Pompe en mr. N. Versteeg en in het openbaar uitgesproken op 28 oktober 2026.