ECLI:NL:RBDHA:2025:12553

ECLI:NL:RBDHA:2025:12553, Rechtbank Den Haag, 01-07-2025, 25-18207

Instantie Rechtbank Den Haag
Datum uitspraak 01-07-2025
Datum publicatie 14-07-2025
Zaaknummer 25-18207
Rechtsgebied Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
Procedure Voorlopige voorziening
Zittingsplaats Utrecht
Jurisprudentie Netwerk (LiDo)
Aangehaald door 1 zaken
1 wettelijke verwijzingen

Aangehaald door

Wettelijke verwijzingen

BWBR0005537

Samenvatting

griffierecht te laat, verzoek om voorlopige voorziening no

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

de Minister van Asiel en Migratie, de minister.

uitspraak

Zittingsplaats Utrecht Bestuursrecht zaaknummer: NL25.18207

uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen

[verzoekster] , V-nummer: [V-nummer], verzoekster (gemachtigde: mr. S. Fattah),

en

Procesverloop

Deze uitspraak gaat over het verzoek om een voorlopige voorziening van verzoekster. Zij heeft de voorzieningenrechter verzocht om bij wijze van voorlopige voorziening te bepalen dat zij de beslissing van de minister op haar bezwaar tegen het besluit van de minister van 4 april 2025 in Nederland mag afwachten.

Overwegingen

7 mei 2025, moet betalen aan de rechtbank. In die brief staat ook dat als verzoekster het

griffierecht niet of niet op tijd betaald, de voorzieningenrechter het verzoek niet- ontvankelijk kan verklaren. De rechtbank heeft de brief als onbestelbaar retour ontvangen. Vervolgens heeft de griffier van de rechtbank, om te voldoen aan artikel 8:38 van de Awb, de brief op 1 mei 2025 nogmaals per gewone post verstuurd. De griffier heeft daarbij vermeld dat geen nieuwe termijn wordt gegeven voor het betalen van het griffierecht. Dat betekent dat 7 mei 2025 de laatste dag was om het griffierecht op tijd te betalen.

5. De rechtbank heeft het bedrag op 15 mei 2025 ontvangen. De rechtbank heeft het bedrag dus niet op tijd ontvangen. Verzoekster heeft daar geen geldige reden voor gegeven.

6. Het verzoek is kennelijk niet-ontvankelijk. Dit betekent dat de voorzieningenrechter het verzoek niet inhoudelijk zal behandelen.

7. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

8. Omdat verzoekster het griffierecht wel heeft betaald, maar te laat, zal dit aan haar worden terugbetaald.

Beslissing

De voorzieningenrechter verklaart het verzoek om een voorlopige voorziening niet- ontvankelijk.

Deze uitspraak is gedaan door mr. I. Helmich, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van

M.M. Mulder, griffier.

De uitspraak is uitgesproken in het openbaar en bekendgemaakt op:

01 juli 2025

Mr. I. Helmich M.M. Mulder

Rechter Griffier

Rechtbank Midden-Nederland Rechtbank Midden-Nederland

Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.

Zittende Magistratuur

Griffier

  • Mr. I. Helmich M.M. Mulder Rechter

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand