RECHTBANK DEN HAAG
[verzoekster] , V-nummer: [V-nummer] , verzoekster,
de Minister van Asiel en Migratie, de minister (gemachtigde: mr. J. Visschers).
uitspraak
Zittingsplaats Utrecht Bestuursrecht zaaknummer: NL25.33704
uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen
mede namens haar minderjarige kind [minderjarige] , V-nummer: [V-nummer] (gemachtigde: mr. J. de Jong),
en
Procesverloop
Bij besluit van 22 juli 2025 (het bestreden besluit) heeft de minister de aanvraag van verzoekster tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd niet in behandeling genomen op de grond dat Denemarken verantwoordelijk is voor de behandeling daarvan.
Verzoekster heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld. Zij heeft verder de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen.
De voorzieningenrechter heeft het verzoek, tezamen met de zaak NL25.33703, op 19 augustus 2025 op zitting behandeld. Verzoekster is verschenen. Als tolk is verschenen [naam] , de broer van eiseres. De gemachtigde van eiseres heeft zich voor de zitting afgemeld. De minister heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde.
Overwegingen
1. Bij uitspraak van vandaag, zaaknummer NL25.33703, heeft de rechtbank uitspraak gedaan op het beroep. Een voorlopige voorziening is daarom niet meer nodig. De voorzieningenrechter wijst het verzoek om die reden af.
2. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
Beslissing
De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening af.
Deze uitspraak is gedaan door mr. J.J. Catsburg, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van
S.N. Lekatompessij, griffier.
De uitspraak is uitgesproken in het openbaar en bekendgemaakt op:
22 augustus 2025