3. Gemeentelijke beleidsvrijheid
Aan de gemeente is de vrijheid gelaten om zelf te bepalen aan welke criteria men moet voldoet om voor een individuele gehandicaptenparkeerplaats in aanmerking te komen. De Vereniging Nederlandse Gemeenten (VNG) heeft in 1998 algemene richtlijnen gegeven.
Bij het bepalen van de criteria is aansluiting gezocht bij de uitgangspunten die de regiogemeenten hanteren (zie bijlagen.)
4. Criteria
Om in aanmerking te komen voor een individuele gehandicaptenparkeerplaats, dient men aan de volgende criteria te voldoen.
De criteria voor een bestuurderskaart zijn, dat men een loopbeperking van langdurige aard heeft, waardoor men niet in staat is zelfstandig met de gebruikelijke hulpmiddelen een afstand van meer dan 100 meter te overbruggen. Onder langdurige aard wordt een periode van meer dan 6 maanden verstaan Een extra criterium voor een passagierskaart is, dat men voor het vervoer van deur tot deur continue afhankelijk is van de hulp van de bestuurder.
De passagier is niet in staat om aaneengesloten meer dan 10 minuten te wacht bij de woning op de terugkomst van de bestuurder in verband met het parkeren
Er is binnen de loopafstand van de aanvrager door de hoge parkeerdruk in de woonomgeving van de aanvrager op verschillende tijdstippen van de dag geen parkeermogelijkheid.
Er is voor de aanvrager geen mogelijkheid om op eigen terrein, erf of parkeergarage te parkeren, of het terrein is ongeschikt gelet op de handicap (bijvoorbeeld een te smalle inrit).