in het beroep met zaaknummer ROE 23/1217 ( [eiser] )
- verklaart het beroep tegen het bestreden besluit I ongegrond;
- wijst het verzoek om schadevergoeding af;
- veroordeelt verweerder tot het betalen van een schadevergoeding in verband met overschrijding van de redelijke termijn aan eiser van € 167,67 en tot het betalen van proceskosten van € 113,38;
- veroordeelt de Staat der Nederlanden (minister van Justitie en Veiligheid) tot het betalen van een schadevergoeding in verband met overschrijding van de redelijke termijn aan eiser van € 833,33 en tot het betalen van proceskosten van € 113,38;
in het beroep met zaaknummer ROE 23/1233 (Stichting Okkasie)
- verklaart het beroep tegen het bestreden besluit I ongegrond;
in het beroep met zaaknummer ROE 24/3535 ( [eiseres] )
- verklaart het beroep tegen het bestreden besluit II gegrond;
- vernietigt dit besluit en herroept het primaire besluit II van 3 oktober 2023;
- bepaalt dat deze uitspraak in de plaats komt van het vernietigde bestreden besluit II;
- bepaalt dat verweerder het griffierecht van € 51,- aan [eiseres] moet vergoeden;
- veroordeelt verweerder tot betaling van € 3.108,- aan proceskosten aan [eiseres] ;
in het beroep met zaaknummer ROE 24/3605 ( [eiser] )
- verklaart het beroep tegen het bestreden besluit II gegrond;
- vernietigt dit besluit en herroept het primaire besluit II van 3 oktober 2023;
- bepaalt dat deze uitspraak in de plaats komt van het vernietigde bestreden besluit II;
- bepaalt dat verweerder het griffierecht van € 51,- aan eiser moet vergoeden;
- veroordeelt verweerder tot betaling van € 3.128,86 (€ 3.108,- + € 20,86) aan proceskosten aan eiser;
- wijst het verzoek om schadevergoeding af.
Deze uitspraak is gedaan door mr. M.M.L. Goofers, voorzitter, en mr. M.A.H. Span-Henkens en mr. S.A. Lemmens, leden, in aanwezigheid van mr. M.H. Vonk-Menger, griffier. Uitgesproken in het openbaar op 27 augustus 2025 .
Een afschrift van deze uitspraak is verzonden aan partijen op: 27 augustus 2025
Informatie over hoger beroep
Een partij die het niet eens is met deze uitspraak, kan een hogerberoepschrift sturen naar de Centrale Raad van Beroep waarin wordt uitgelegd waarom deze partij het niet eens is met deze uitspraak. Het hogerberoepschrift moet worden ingediend binnen zes weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden.
Digitaal hoger beroep instellen kan via “Formulieren en inloggen” op www.rechtspraak.nl. Hoger beroep instellen kan eventueel ook nog steeds door verzending van een brief aan de Centrale Raad van Beroep, Postbus 16002, 3500 DA Utrecht.
Kan de indiener de behandeling van het hoger beroep niet afwachten, omdat de zaak spoed heeft, dan kan de indiener de voorzieningenrechter van de Centrale Raad van Beroep vragen om een voorlopige voorziening (een tijdelijke maatregel) te treffen.