ECLI:NL:RBMNE:2025:3398

ECLI:NL:RBMNE:2025:3398, Rechtbank Midden-Nederland, 04-07-2025, UTR 24/4707

Instantie Rechtbank Midden-Nederland
Datum uitspraak 04-07-2025
Datum publicatie Onbekend
Zaaknummer UTR 24/4707
Rechtsgebied Bestuursrecht
Procedure Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats Utrecht
Jurisprudentie Netwerk (LiDo)
Aangehaald door 1 zaken
1 wettelijke verwijzingen

Aangehaald door

Wettelijke verwijzingen

BWBR0005537

Samenvatting

Eiseres heeft geen procesbelang bij haar beroep dat gaat over de lichte toets waarin is geoordeeld dat eiseres geen gedupeerde is van de toeslagenaffaire. Dit besluit is ingehaald door het besluit over de integrale beoordeling. De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk.

Uitspraak

[eiseres] , uit [woonplaats] , eiseres

(gemachtigde: mr. J. van den Ende),

en

Dienst Toeslagen, verweerder

(gemachtigde: mr. [gemachtigde 1] en mr. [gemachtigde 2] ).

Inleiding

Eiseres heeft zich bij verweerder gemeld als gedupeerde van de toeslagenaffaire en gevraagd om herbeoordeling van haar recht op kinderopvangtoeslag op grond van de Wet herstel toeslagen (Wht).

Dienst Toeslagen heeft vervolgens een zogeheten ‘lichte toets’ uitgevoerd. Bij die toets is gekeken of eiseres als gedupeerde kan worden aangemerkt en – daardoor – in aanmerking komt voor het compensatiebedrag van € 30.000,- uit de Catshuisregeling. Bij besluit van 23 maart 2023 heeft Dienst Toeslagen naar aanleiding van deze lichte toets vastgesteld dat eiseres niet als gedupeerde kan worden aangemerkt en dat zij dus geen compensatie krijgt.

Tegen dit besluit heeft eiseres bezwaar gemaakt.

Op 4 juni 2024 heeft Dienst Toeslagen een besluit genomen naar aanleiding van de ‘integrale herbeoordeling’, die na de lichte toets volgt. Daarbij heeft Dienst Toeslagen vastgesteld dat eiseres geen gedupeerde is en ook niet in aanmerking komt voor compensatie. Tegen dit besluit heeft eiseres ook bezwaar gemaakt.

Het bezwaar van eiseres tegen het besluit van 23 maart 2023 is door Dienst Toeslagen niet-ontvankelijk verklaard in het besluit van 26 juni 2024 (bestreden besluit I). Met het besluit van 21 oktober 2024 (bestreden besluit II) heeft Dienst Toeslagen bestreden besluit I ingetrokken en het bezwaar van eiseres alsnog inhoudelijk behandeld. Dienst Toeslagen is erbij gebleven dat eiseres op basis van de lichte toets geen recht heeft op het minimale bedrag van € 30.000 en heeft het bezwaar ongegrond verklaard.

Eiseres heeft tegen de bestreden besluiten over de lichte toets beroep ingesteld. Daarover gaat deze uitspraak. Dienst Toeslagen heeft een verweerschrift ingediend in deze procedure.

De rechtbank heeft het beroep op 4 juli 2025 op zitting behandeld. Hieraan hebben deelgenomen de gemachtigden van Dienst Toeslagen. Eiseres en haar gemachtigde zijn met bericht van verhindering niet verschenen.

Na afloop van zitting heeft de rechtbank onmiddellijk uitspraak gedaan.

Beoordeling door de rechtbank

Conclusie en gevolgen

Het bestreden besluit I

3. De rechtbank komt tot het oordeel dat eiseres ook geen procesbelang heeft bij haar beroep voor zover gericht tegen bestreden besluit II. Voldoende procesbelang wordt aangenomen als het resultaat dat met de procedure wordt nagestreefd ook daadwerkelijk kan worden bereikt en het realiseren van dat resultaat feitelijke betekenis heeft. Dat is in deze zaak niet het geval.

4. In deze procedure gaat het over het besluit van de lichte toets, terwijl er ondertussen een integrale beoordeling heeft plaatsgevonden. Bij die integrale beoordeling is opnieuw gekeken naar de kinderopvangtoeslag die eiseres heeft gekregen. Met die integrale beoordeling is een volledige en grondigere beoordeling van het recht op compensatie verricht. Daarbij is ook heroverwogen of de lichte toets anders had moeten uitpakken en of eiseres toch wel recht had op compensatie uit de Catshuisregeling. Als dat zo zou zijn geweest, dan zou Dienst Toeslagen bij de integrale beoordeling die compensatie alsnog uitkeren, met wettelijke rente over de periode dat eiseres de compensatie heeft moeten missen, omdat eerder bij de lichte toets een foute beoordeling is gemaakt. De integrale beoordeling haalt dus echt de beoordeling van de lichte toets in. Dienst Toeslagen komt in het geval van eiseres bij de integrale beoordeling, net als bij de lichte toets, tot de conclusie dat eiseres geen recht heeft op compensatie.

5. Omdat Dienst Toeslagen inmiddels een integrale beoordeling heeft uitgevoerd, kan eiseres met dit beroep niet meer bereiken dat zij alsnog als gedupeerde wordt aangemerkt. Ongeacht de uitkomst van deze procedure blijft immers staan dat eiseres op grond van de integrale beoordeling volgens Dienst Toeslagen geen gedupeerde is en dus geen aanspraak maakt op compensatie op grond van de Wht. Eiseres zal alleen met rechtsmiddelen tegen het besluit over de integrale beoordeling (eventueel) kunnen bereiken dat zij alsnog wordt aangemerkt als gedupeerde.

Het beroep is daarom niet-ontvankelijk. De rechtbank beoordeelt de zaak dus niet inhoudelijk. Eiseres krijgt daarom het griffierecht niet terug. Zij krijgt ook geen vergoeding van haar proceskosten, omdat er al geen procesbelang meer was op het moment dat eiseres het beroep instelde.

Dienst Toeslagen is gewezen op de mogelijkheid om tegen de mondelinge uitspraak in hoger beroep te gaan op de hieronder omschreven wijze.

Beslissing

De rechtbank verklaart beroep niet-ontvankelijk.

Deze uitspraak is uitgesproken in het openbaar op 4 juli 2025 door mr. I. Helmich, rechter, in aanwezigheid van mr. M.L. Bressers, griffier.

Een afschrift van dit proces-verbaal is verzonden aan partijen op:

Informatie over hoger beroep

Een partij die het niet eens is met deze uitspraak, kan een hogerberoepschrift sturen naar de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State waarin wordt uitgelegd waarom deze partij het niet eens is met deze uitspraak. Het hogerberoepschrift moet worden ingediend binnen zes weken na de dag waarop dit proces-verbaal is verzonden. Kan de indiener de behandeling van het hoger beroep niet afwachten, omdat de zaak spoed heeft, dan kan de indiener de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State vragen om een voorlopige voorziening (een tijdelijke maatregel) te treffen.

Zittende Magistratuur

Rechter

  • mr. I. Helmich

Griffier

  • mr. M.L. Bressers

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand