RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
Familie- en Jeugdrecht
Locatie Utrecht
Zaaknummer: C/16/616127 / FV RK 26-2036
Datum uitspraak: 13 augustus 2026
Beschikking voortzetting crisismaatregel
op het verzoek van de officier van justitie voor
[betrokkene] ,
geboren op [geboortedatum] 2007 in [geboorteplaats],
hierna: betrokkene,
wonende in [woonplaats],
verblijvende bij het [zorginstelling] in [plaats],
advocaat: mr. M.C. van Beijma (mr. A.E.M.C. Koudijs neemt waar).
1. Het verloop van de procedure
De rechtbank heeft het verzoekschrift met bijlagen op 11 augustus 2026 ontvangen.
De zitting heeft plaatsgevonden op 13 augustus 2026. Daarbij zijn gehoord:
- betrokkene, bijgestaan door haar advocaat;
- [naam], arts.
2. Wat vaststaat
Betrokkene verblijft met een crisismaatregel bij het [zorginstelling] in [plaats]. De burgemeester van Utrecht heeft de crisismaatregel op 10 augustus 2026 afgegeven.
3. Het verzoek
De officier van justitie verzoekt de rechtbank een machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel te verlenen voor de duur van drie weken.
4. De beoordeling
De rechtbank verleent de gevraagde machtiging voor de duur van drie weken. Er is voldaan aan de voorwaarden uit de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg. Hierna wordt uitgelegd waarom dat zo is.
Uit de overgelegde stukken en de zitting is gebleken dat er ten aanzien van betrokkene sprake is van onmiddellijk dreigend ernstig nadeel, gelegen in het bestaan van of het aanzienlijk risico op:
- levensgevaar;
- ernstig lichamelijk letsel.
Vermoed wordt dat het ernstig nadeel wordt veroorzaakt door gedrag dat voortvloeit uit een psychische stoornis. Betrokkene heeft een autismespectrum stoornis, een persoonlijkheidsstoornis, anorexia nervosa en een somatische symptoomstoornis. De rechtbank baseert zich hierbij op de medische verklaring van 10 augustus 2026.
De advocaat pleit namens betrokkene voor afwijzing van het verzoek. Betrokkene vindt dat het beter gaat met haar en er geen sprake meer is van een crisissituatie. Op die grond is de advocaat van oordeel dat er voldoende vrijwilligheid is. De rechtbank oordeelt anders. Uit de toelichting van de arts blijkt dat er gedurende de opname meerdere suïcidepogingen zijn ondernomen en dat de suïcidale gedachtes nog aanwezig zijn. De arts vindt een voortzetting van de crisismaatregel en met name de opname noodzakelijk, omdat het niet verblijven op een afdeling onveilig is voor betrokkene. Betrokkene wil niet langer opgenomen zijn. Gelet hierop is de rechtbank van oordeel dat er geen overeenstemming is over de opname, wat maakt dat er onvoldoende vrijwilligheid is.
De komende periode zal er worden gezocht naar een passende vervolgplek waarbij de behandeling voor de persoonlijkheidsproblematiek kan worden voortgezet. Deze is recent door [instelling] opgestart.
De crisissituatie is zo ernstig dat de procedure voor een zorgmachtiging niet kan worden afgewacht.
De rechtbank is op grond van de medische verklaring en de toelichting tijdens de zitting van oordeel dat de volgende vormen van verplichte zorg nodig zijn om het nadeel af te wenden:
- het toedienen van vocht en voeding;
- het toedienen van medicatie;
- het verrichten van medische controles;
- het verrichten van andere medische handelingen en therapeutische maatregelen, ter behandeling van een psychische stoornis, dan wel vanwege die stoornis, ter behandeling van een somatische aandoening;
- het beperken van de bewegingsvrijheid;
- insluiten;
uitoefenen van toezicht op betrokkene;
onderzoek aan kleding of lichaam;
aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten, waaronder het gebruik van communicatiemiddelen;
- opnemen in een accommodatie.
Betrokkene verzet zich tegen de zorg.
Er zijn geen minder bezwarende alternatieven die hetzelfde beoogde effect hebben. De vormen van verplichte zorg die de rechtbank toewijst zijn evenredig en naar verwachting effectief. Bij het bepalen van de juiste vormen van zorg is rekening gehouden met de voorwaarden die noodzakelijk zijn om deelname van betrokkene aan het maatschappelijk leven te bevorderen en om te zorgen voor de veiligheid van betrokkene en haar omgeving.
5. De beslissing
De rechtbank:
verleent een machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel voor [betrokkene], geboren op [geboortedatum] 2007 in [geboorteplaats], wat inhoudt dat de maatregelen die in 4.7. staan kunnen worden toegepast;
bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met 3 september 2026.
Deze beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 13 augustus 2026 door mr. J.P.M. Schwillens, rechter, in aanwezigheid van R. Staal, griffier en op schrift gesteld op 14 augustus 2026.
Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.