ECLI:NL:RBROT:2025:10652

ECLI:NL:RBROT:2025:10652, Rechtbank Rotterdam, 15-08-2025, 11513552 CV EXPL 25-1875

Instantie Rechtbank Rotterdam
Datum uitspraak 15-08-2025
Datum publicatie Onbekend
Zaaknummer 11513552 CV EXPL 25-1875
Rechtsgebied Civiel recht
Procedure Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats Rotterdam
Jurisprudentie Netwerk (LiDo)
Aangehaald door 1 zaken
1 wettelijke verwijzingen

Aangehaald door

Wettelijke verwijzingen

BWBR0001827

Samenvatting

Bewijsopdracht. Eiseres stelt dat zij in opdracht van gedaagde vier vliegtickets heeft voorgeschoten. Zij eist in deze procedure terugbetaling. Gedaagde betwist het bestaan van deze overeenkomst. Eiseres krijgt een bewijsopdracht.

Uitspraak

RECHTBANK ROTTERDAM

locatie Rotterdam

zaaknummer: 11513552 CV EXPL 25-1875

datum uitspraak: 15 augustus 2025

Vonnis van de kantonrechter

in de zaak van

[eiseres] , die handelt onder de naam [handelsnaam],

woonplaats: [woonplaats 1] ,

eiseres,

gemachtigde: Armaere Incassospecialisten en Gerechtsdeurwaarders,

tegen

[gedaagde] ,

woonplaats: [woonplaats 2] ,

gedaagde,

die zelf procedeert.

De partijen worden hierna ‘ [eiseres] ’ en ‘ [gedaagde] ’ genoemd.

1. De procedure

Het dossier bestaat uit de volgende processtukken:

de dagvaarding van 15 januari 2025, met bijlagen;

het antwoord, met bijlagen;

de akte van [eiseres] , met bijlagen;

de akte van [gedaagde] , met bijlagen;

Op 16 april 2025 is de zaak tijdens een zitting besproken. Daarbij waren aanwezig: mevrouw [eiseres] , samen met de heer [persoon A] (een collega van mevrouw [eiseres] ) en haar gemachtigde, mr. B.E. de Jager. Tevens was aanwezig mevrouw [gedaagde] . Halverwege de mondelinge behandeling zijn ook mevrouw [persoon B] en haar zoon verschenen.

Na afloop van de mondelinge behandeling is de zaak voor twee maanden aangehouden om [gedaagde] in de gelegenheid te stellen nadere stukken over te leggen en om partijen de ruimte te geven om eventueel tot een minnelijke regeling te komen. De rechtbank heeft geen (nieuwe) stukken van [gedaagde] ontvangen en ook verder niets meer van partijen vernomen. De kantonrechter zal daarom overgaan tot het wijzen van vonnis.

2. De beoordeling

Waar gaat de zaak over?

Op 20 januari 2020 heeft [eiseres] een overeenkomst gesloten met de zus van [gedaagde] , [persoon B] (hierna: [persoon B] ), voor het verzorgen van de uitvaart van [persoon C] , de vader van gedaagde en [persoon B] . In dat kader zou [gedaagde] [eiseres] opdracht hebben gegeven om vier vliegtickets voor te schieten voor familieleden die vanuit Suriname naar Nederland zouden komen om de begrafenis bij te wonen. Volgens [eiseres] is ook mondeling afgesproken dat [gedaagde] het voorgeschoten bedrag van € 3.520,- zou terugbetalen zodra de nalatenschap van haar vader vrij zou komen. [gedaagde] heeft dit bedrag volgens [eiseres] tot op heden niet terugbetaald. [eiseres] vordert daarom in deze procedure dat [gedaagde] wordt veroordeeld tot betaling van dit bedrag, vermeerderd met rente en kosten.

[gedaagde] is het niet eens met de vordering van [eiseres] . Zij betwist dat tussen haar en [eiseres] een mondelinge afspraak tot stand is gekomen. Volgens [gedaagde] is de bovenstaande afspraak tot stand gekomen tussen haar zus, [persoon B] , en [eiseres] . Tot slot voert [gedaagde] aan dat haar vader geen geld heeft nagelaten omdat hij schulden had.

De kantonrechter kan op dit moment nog geen eindbeslissing nemen. Hierna wordt uitgelegd waarom.

[eiseres] krijgt een bewijsopdracht

Tussen partijen is in geschil of [gedaagde] opdracht heeft gegeven aan [eiseres] voor het voorschieten van vier vliegtickets. [eiseres] baseert haar vordering op de gestelde mondelinge afspraak tussen partijen. Deze afspraak moet komen vast te staan om de vordering van [eiseres] te kunnen toewijzen. De stelplicht en bewijslast van de stelling dat partijen deze afspraak gemaakt hebben, liggen bij [eiseres] (artikel 150 Rv).

[eiseres] heeft in dat kader tijdens de mondelinge behandeling gesteld dat [gedaagde] haar de opdracht heeft gegeven om de vliegtickets te boeken en voor te schieten. Deze afspraak is volgens [eiseres] gemaakt in het tehuis van de vader van [gedaagde] . Ter onderbouwing van deze stelling heeft [eiseres] een getuigenverklaring van [persoon B] overgelegd, waarin zij deze gang van zaken heeft bevestigd. [gedaagde] heeft zowel in haar antwoord als tijdens de mondelinge behandeling betwist dat zij [eiseres] de opdracht heeft gegeven om vliegtickets voor te schieten en geeft aan dat deze afspraak tot stand is gekomen tussen haar zus, [persoon B] , en [eiseres] . Gelet op deze betwisting van [gedaagde] , is niet komen vast te staan dat tussen partijen een mondelinge afspraak tot stand is gekomen op grond waarvan [gedaagde] een bedrag van € 3.520,- moet (terug)betalen aan [eiseres] .

[eiseres] heeft in haar dagvaarding een bewijsaanbod gedaan. Gelet hierop ziet de kantonrechter aanleiding om [eiseres] de gelegenheid te geven te bewijzen dat tussen [gedaagde] en [eiseres] een mondelinge afspraak tot stand is gekomen op basis waarvan [eiseres] vier vliegtickets heeft voorgeschoten voor [gedaagde] , welke zij zou terugbetalen zodra de nalatenschap van haar vader werd vrijgegeven.

De zaak wordt verwezen naar de rol van donderdag 11 september 2025 om 11:30 uur. Direct nadat [eiseres] bewijs heeft geleverd, mag [gedaagde] tegenbewijs leveren. De partijen mogen pas op elkaars bewijs reageren als het leveren van bewijs door beide partijen is afgerond. De kantonrechter beoordeelt daarna of het bewijs geleverd is.

3. De beslissing

De kantonrechter:

draagt [eiseres] op te bewijzen dat [gedaagde] aan [eiseres] opdracht heeft gegeven vier vliegtickets voor te schieten voor een bedrag van € 3.520,- en dat deze tickets door haar zouden worden terugbetaald zodra de nalatenschap van haar vader werd vrijgegeven.

schriftelijk bewijs

bepaalt dat als [eiseres] schriftelijk bewijs wil leveren dit bewijs uiterlijk een dag voor de rolzitting van donderdag 11 september 2025 om 11:30 in tweevoud moet zijn ontvangen op de rechtbank;

getuigenbewijs

bepaalt dat als [eiseres] getuigen wil laten horen, zij uiterlijk een dag voor de rolzitting die hiervoor is genoemd het aantal en de personalia van de getuigen moet opgeven en de verhinderdata van de getuigen en beide partijen voor de maanden november 2025, december 2025 en januari 2026;

wijst erop dat [eiseres] na het bepalen van een datum en plaats voor het getuigenverhoor zelf de getuigen moet oproepen;

ander bewijs

bepaalt dat als [eiseres] op een andere manier bewijs wil leveren, [eiseres] uiterlijk een dag voor de rolzitting die hiervoor is genoemd aan de kantonrechter moet laten weten hoe;

houdt iedere verdere beslissing aan.

Dit vonnis is gewezen door mr. I.W.M. Laurijssens en in het openbaar uitgesproken.

64362

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand