Rechtbank Rotterdam
[eiseres] , uit [plaats] , eiseres,
Dienst Toeslagen, verweerder.
Bestuursrecht
zaaknummer: ROT 25/3396
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 28 juli 2025 als bedoeld in artikel 8:54 van de Algemene wet bestuursrecht in de zaak tussen
gemachtigde: [gemachtigde] ,
en
Procesverloop
Eiseres heeft beroep ingesteld wegens het uitblijven van een besluit op het verzoek tot vergoeding van de werkelijke schade.
Verweerder heeft een verweerschrift ingediend.
Overwegingen
7. In eerdere uitspraken heeft de Afdeling geoordeeld dat in de procedures waarbij de belanghebbende rechtsmiddelen heeft ingesteld, waarvan hij geacht moet worden te weten dat die evident geen kans van slagen hebben, sprake kan zijn van misbruik van recht en het beroep niet-ontvankelijk verklaard kan worden.
8. De rechtbank is van oordeel dat het telkens instellen van beroepen als de onderhavige grenst aan het kennelijk onredelijk gebruik van procesrecht zoals hiervoor bedoeld. Immers, de beroepen hebben evident geen kans van slagen. De rechtbank ziet op dit moment echter nog geen aanleiding het beroepschrift niet-ontvankelijk te verklaren wegens misbruik van procesrecht, nu de gemachtigde van eiseres hier nog niet eerder op is gewezen.
9. De rechtbank zal het beroep niet-ontvankelijk verklaren wegens het niet voldoen aan de vereisten van artikel 6:12, tweede lid, van de Awb.
10. Voor vergoeding van het griffierecht of een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
Beslissing
De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk.
Deze uitspraak is gedaan door mr. L.A.C. van Nifterick, rechter, in aanwezigheid van A.R. de Groot, griffier.
De uitspraak is in het openbaar gedaan op 28 juli 2025.
griffier rechter
Een afschrift van deze uitspraak is verzonden aan partijen op:
Rechtsmiddel
Tegen deze uitspraak kan binnen zes weken na de dag van verzending daarvan verzet worden gedaan bij de rechtbank. De indiener van het verzetschrift kan daarbij vragen in de gelegenheid te worden gesteld over het verzet te worden gehoord.