ECLI:NL:RBROT:2025:9527

ECLI:NL:RBROT:2025:9527, Rechtbank Rotterdam, 05-08-2025, 11678609 VZ VERZ 25-3162

Instantie Rechtbank Rotterdam
Datum uitspraak 05-08-2025
Datum publicatie Onbekend
Zaaknummer 11678609 VZ VERZ 25-3162
Rechtsgebied Civiel recht; Arbeidsrecht
Procedure Beschikking
Zittingsplaats Rotterdam
Jurisprudentie Netwerk (LiDo)
Aangehaald door 1 zaken
1 wettelijke verwijzingen

Aangehaald door

Wettelijke verwijzingen

BWBR0005289

Samenvatting

Kantonrechter wijst een hoger bedrag aan transitievergoeding toe dan verzocht, gelet op de uitspraak van de Hoge Raad van 7 maart 2025.

Uitspraak

RECHTBANK ROTTERDAM

locatie Rotterdam

zaaknummer: 11678609 VZ VERZ 25-3162

datum uitspraak: 5 augustus 2025

Beschikking van de kantonrechter

in de zaak van

[verzoekster] (hierna: ‘werkneemster’),

woonplaats: Rotterdam,

verzoekster,

gemachtigde: mr. C.H. Bijvank,

tegen

[verweerster] (hierna: ‘werkgever’),

vestigingsplaats: Rotterdam,

verweerster,

die niet is verschenen.

1. De procedure

De kantonrechter ontving op 30 april 2025 van werkneemster een verzoekschrift, met bijlagen.

De zaak is op zitting gepland op 24 juli 2025. Werkgever is toen niet verschenen. Werkneemster heeft werkgever met een deurwaardersexploot opgeroepen om op 4 augustus 2025 alsnog te verschijnen. Ook toen is werkgever niet verschenen.

2. De beoordeling

Werkneemster is van 1 november 2023 tot 1 februari 2025 in dienst geweest bij werkgever. Werkneemster stelt dat zij nog recht heeft op loon over de maanden november 2024 tot en met januari 2025 en op de transitievergoeding. Zij verzoekt werkgever ertoe te veroordelen dit aan haar te betalen, met wettelijke verhoging, wettelijke rente, incassokosten en met veroordeling van werkgever tot het verstrekken van loonstroken en veroordeling in de proceskosten.

Het verzoek komt de kantonrechter niet onrechtmatig of ongegrond voor en door werkgever wordt er geen verweer tegen gevoerd. De kantonrechter wijst de verzoeken dan ook toe, zij het (1) dat waar werkneemster om netto loon vraagt, het gaat om bruto loon, zoals ter zitting is besproken; (2) dat de wettelijke transitievergoeding € 751,47 bruto bedraagt en de kantonrechter daarom dit hogere bedrag zal toewijzen; en (3) dat de kantonrechter aanleiding ziet de gevraagde dwangsom voor de loonspecificaties te matigen tot € 50,00 per dag, met een maximum van € 2.500,00.

Werkgever krijgt ongelijk en moet daarom de proceskosten betalen. Die kosten bestaan aan de kant van werkneemster uit € 90,00 aan griffierecht, € 543,00 aan salaris voor haar gemachtigde en € 135,00 aan nakosten. Dit is bij elkaar € 768,00. Hier kan nog een bedrag bij komen als deze beschikking door een deurwaarder uitgereikt moet worden. De rente over de proceskosten is ook toewijsbaar.

Deze beschikking wordt uitvoerbaar bij voorraad verklaard. Dit betekent dat als deze zaak aan een hogere rechter wordt voorgelegd, in afwachting van de uitspraak van die hogere rechter afgedwongen kan worden dat aan de veroordelingen in deze beschikking voldaan wordt.

3. De beslissing

De kantonrechter:

veroordeelt werkgever om aan werkneemster een transitievergoeding van € 751,47 bruto te betalen;

veroordeelt werkgever om aan werkneemster € 6.096,66 bruto aan achterstallig loon over de maanden november 2024 tot en met januari 2025 te betalen, met 50% wettelijke verhoging als bedoeld in artikel 7:625 Burgerlijk Wetboek van € 3.048,33 bruto;

veroordeelt werkgever om aan werkneemster een bruto-netto specificatie te verstrekken van de onder 3.1. en 3.2. bedoelde bedragen, met een dwangsom van € 50,00 voor iedere dag dat werkgever nalaat dit te doen, te rekenen vanaf veertien dagen nadat de deurwaarder deze beschikking aan werkgever betekent, met een maximum van € 2.500,00;

veroordeelt werkgever om aan werkneemster € 1.049,36 aan incassokosten te betalen;

veroordeelt werkgever om aan werkneemster de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 Burgerlijk Wetboek te betalen over de onder 3.1., 3.2. en 3.4. bedoelde bedragen, steeds vanaf het moment waarop een bepaald bedrag opeisbaar wordt, tot aan de dag dat dit bedrag volledig is betaald;

veroordeelt werkgever in de proceskosten, aan de kant van werkneemster begroot op € 768,00, met wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 Burgerlijk Wetboek vanaf veertien dagen na het wijzen van deze beschikking tot aan de dag dat dit bedrag volledig is betaald;

verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad en wijst wat meer of anders is verzocht af.

Deze beschikking is gegeven door mr. C.J. Frikkee en in het openbaar uitgesproken.

686

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl AR-Updates.nl 2025-0994 VAAN-AR-Updates.nl 2025-0994
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand