ECLI:NL:RBZWB:2025:4217

ECLI:NL:RBZWB:2025:4217, Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 30-06-2025, C/02/436707 HA RK 25-146 (E)

Instantie Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Datum uitspraak 30-06-2025
Datum publicatie Onbekend
Zaaknummer C/02/436707 HA RK 25-146 (E)
Rechtsgebied Civiel recht
Procedure Wraking
Zittingsplaats Middelburg
Jurisprudentie Netwerk (LiDo)
Aangehaald door 1 zaken
1 wettelijke verwijzingen

Aangehaald door

Wettelijke verwijzingen

BWBR0001827

Samenvatting

Wraking - procesbeslissing - kennelijk ongegrond.

Uitspraak

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT

uitspraak

Wrakingskamer

Middelburg

zaaknummer / rekestnummer: C/02/436707 HA RK 25-146

Beslissing van 30 juni 2025 op het wrakingsverzoek van:

[verzoekster] ,

wonende op een bij de rechtbank bekend adres,

verder te noemen verzoekster,

procederend in persoon.

1. De procedure

Het verloop van de procedure blijkt onder meer uit:

2. Het verzoek

Het verzoek strekt tot wraking van de rechter, mr. Van Noort (hierna: de rechter), belast met de behandeling van het verzoek tot omzetting van het mentorschap naar curatele over [naam], ingediend door verzoekster in de procedure met zaaknummer 11555443 OV VERZ 25-575 (hierna: de hoofdzaak).

De rechter berust niet in het verzoek tot wraking.

3. De feiten en de gronden van het wrakingsverzoek

De hoofdzaak zou behandeld worden op zitting van 19 juni 2025 om 13:15 uur in Bergen op Zoom.

Bij e-mail van 17 juni 2025 heeft verzoekster verzocht om uitstel van de zitting wegens verslechtering van haar gezondheid. Bij e-mail van 18 juni 2025 heeft verzoekster haar verzoek om uitstel nader toegelicht.

Bij e-mail van 19 juni 2025 om 9:26 uur heeft de rechtbank aan verzoekster meegedeeld dat de zitting doorgang zal vinden en dat verzoekster telefonisch hieraan kan deelnemen.

Bij e-mail van 19 juni 2025 om 11:43 uur heeft verzoekster de rechter gewraakt. Verzoekster legt aan haar wrakingsverzoek ten grondslag dat als gevolg van de afwijzing van haar verzoek om uitstel van de zitting, er sprake is van het opwekken van de objectieve schijn van partijdigheid en schending van artikel 6 van het Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden.

4. De beoordeling

Beoordelingskader

Op grond van artikel 36 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering kan een partij een rechter die een zaak behandelt wraken op grond van feiten en/of omstandigheden waardoor de rechterlijke onpartijdigheid schade zou kunnen lijden.

Bij de beoordeling van een beroep op het ontbreken van onpartijdigheid van een rechter geldt het uitgangspunt dat een rechter op grond van zijn aanstelling wordt vermoed onpartijdig te zijn. Alleen een uitzonderlijke omstandigheid kan een zwaarwegende aanwijzing opleveren dat een rechter ten aanzien van een procespartij een vooringenomenheid koestert, of dat een bij een partij bestaande vrees daarvoor objectief gerechtvaardigd is. De wrakingskamer moet daarom onderzoeken of de door verzoekster aangevoerde specifieke feiten en omstandigheden een zwaarwegende aanwijzing opleveren voor het oordeel dat de rechter jegens haar een vooringenomenheid koestert, of dat de door verzoekster geuite vrees daarvoor – objectief – gerechtvaardigd is.

Beoordeling van de wrakingsgronden

De beslissing om niet in te stemmen met het verzoek tot uitstel van de zitting, betreft een procesbeslissing. Volgens vaste jurisprudentie van de Hoge Raad komt de wrakingskamer geen oordeel toe over de juistheid van een procesbeslissing. Ook over de motivering van een procesbeslissing mag de wrakingskamer geen oordeel geven, zelfs niet als het gaat om een door verzoekster onjuist, onbegrijpelijk, gebrekkig of te summier geachte motivering of het ontbreken van een motivering. De reden hiervoor is dat er tegen een uitspraak van de rechtbank doorgaans een rechtsmiddel (zoals hoger beroep) kan worden ingesteld waarbij dit aan de orde kan komen. Alleen als een procesbeslissing in het licht van de omstandigheden van het geval en naar objectieve maatstaven gemeten niet anders kan worden verstaan dan als blijk van vooringenomenheid, kan dat tot een ander oordeel leiden. Naar het oordeel van de wrakingskamer is daarvan in deze zaak niet gebleken.

Omdat sprake is van een kennelijk ongegrond wrakingsverzoek laat de wrakingskamer de mondelinge behandeling van het verzoek achterwege overeenkomstig artikel 4, tweede lid, aanhef en onder a van het Wrakingsprotocol van de rechtbank Zeeland-West-Brabant (gepubliceerd op de website www.rechtspraak.nl, zie rechtbank Zeeland-West-Brabant, regels en procedures, wrakingsprotocol).

5. De beslissing

De wrakingskamer:

Deze beslissing is gegeven op 30 juni 2025 door mr. Luijks, rechter en voorzitter, mr. Bergen en mr. Hopmans, rechters, in aanwezigheid van mr. De Mul, griffier. De beslissing wordt openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl.

De griffier, De voorzitter,

Afschrift verzonden aan partijen op:

Rechtsmiddel

Tegen deze beslissing staat geen rechtsmiddel open.

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand