ECLI:NL:RVS:2025:4445

ECLI:NL:RVS:2025:4445, Raad van State, 22-09-2025, BRS.25.000783

Instantie Raad van State
Datum uitspraak 22-09-2025
Datum publicatie 24-09-2025
Zaaknummer BRS.25.000783
Rechtsgebied Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
Procedure Hoger beroep
Jurisprudentie Netwerk (LiDo)
Aangehaald door 1 zaken
1 wettelijke verwijzingen

Aangehaald door

Wettelijke verwijzingen

BWBR0005537

Samenvatting

Bij besluit van 10 juni 2025 heeft de minister betrokkene een vrijheidsontnemende maatregel opgelegd. Bij uitspraak van 24 juni 2025 heeft de rechtbank het daartegen door betrokkene ingestelde beroep gegrond verklaard, de opheffing van de vrijheidsontnemende maatregel met ingang van die dag bevolen en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.

Uitspraak

BRS.25.000783

ECLI:NL:RVS:2025:4445

Datum uitspraak: 22 september 2025

AFDELING

BESTUURSRECHTSPRAAK

Uitspraak met toepassing van artikel 8:54, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht op het hoger beroep van:

de minister van Asiel en Migratie,

appellant,

tegen de uitspraak van de rechtbank Den Haag, zittingsplaats Amsterdam, van 24 juni 2025 in zaak nr. NL25.27130 in het geding tussen:

[betrokkene]

en

de minister.

Procesverloop

Bij besluit van 10 juni 2025 heeft de minister betrokkene een vrijheidsontnemende maatregel opgelegd.

Bij uitspraak van 24 juni 2025 heeft de rechtbank het daartegen door betrokkene ingestelde beroep gegrond verklaard, de opheffing van de vrijheidsontnemende maatregel met ingang van die dag bevolen en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.

Tegen deze uitspraak heeft de minister hoger beroep ingesteld.

Overwegingen

1. De minister komt in haar enige grief terecht op tegen het oordeel van de rechtbank dat de grensdetentie te lang zou voortduren. De rechtbank kon op het moment dat zij uitspraak deed in deze grensdetentiezaak namelijk nog niet tot die conclusie komen, omdat zij de zitting in de asielzaak van betrokkene op 20 augustus 2025 had gepland, binnen dertien weken vanaf de oplegging van de grensdetentie. De Afdeling verwijst naar haar uitspraak van 1 juli 2025, ECLI:NL:RVS:2025:2925, onder 3.8.

1.1. De grief slaagt.

2. Het hoger beroep is gegrond. De Afdeling vernietigt de uitspraak van de rechtbank. Omdat er geen beroepsgronden zijn die de rechtbank niet heeft besproken en de Afdeling ook ambtshalve geen reden ziet om de grensdetentie onrechtmatig te achten, is het beroep alsnog ongegrond. Het verzoek om schadevergoeding wordt daarom afgewezen. De minister hoeft geen proceskosten te vergoeden.

Beslissing

De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:

I. verklaart het hoger beroep gegrond;

II. vernietigt de uitspraak van de rechtbank Den Haag, zittingsplaats Amsterdam, van 24 juni 2025 in zaak nr. NL25.27130;

III. verklaart het beroep ongegrond;

IV. wijst het verzoek om schadevergoeding af.

Aldus vastgesteld door mr. J.C.A. de Poorter, lid van de enkelvoudige kamer, in tegenwoordigheid van mr. J.R. Kraak, griffier.

w.g. De Poorter

lid van de enkelvoudige kamer

w.g. Kraak

griffier

Uitgesproken in het openbaar op 22 september 2025

1020

Zittende Magistratuur

Griffier

  • mr. J.R. Kraak

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand